Er is de laatste jaren steeds meer aandacht voor de positieve werking van muziek op menselijk welzijn. Van het beïnvloeden van dagelijkse stemmingen tot het verminderen van angst en pijn in het ziekenhuis. Om te begrijpen hoe muziek op deze manier ‘werkt’ hebben we inzichten nodig uit allerlei verschillende wetenschapsdisciplines zoals psychologie, geneeskunde en neurowetenschappen, maar ook de praktijk – van ouderenzorg tot podia en cultuurinstellingen. Omdat cultuursociologen zoals ik met name aandacht hebben voor smaakverschillen en hoe we die kunnen verklaren, heb ik op die manier een steentje bij kunnen dragen aan allerlei onderzoek rondom muziek, mentale gezondheid en pijn. In veel gevallen deed en doe ik dat samen met de geweldige collega’s van Muziek als Medicijn van het Erasmus Medisch Centrum, maar ook met vele anderen zoals Julia Peters, Joost Oud Groeniger en Robbert Goverts. Team science = the best science. Hieronder licht ik een paar van onze studies verder toe.
In deze studie onderzochten we of het ene muziekgenre beter helpt tegen pijn dan het andere. Tijdens Lowlands Science luisterden 548 bezoekers naar urban, elektronische muziek, klassiek, rock of pop, terwijl zij een (pijnlijke) koudwatertest deden. Geen van de genres bleek op zichzelf beter te werken. Wel konden deelnemers de pijn langer verdragen wanneer zij luisterden naar een genre dat zij normaal gesproken graag horen.
Dat laatste is belangrijk: niet de muziek waarvan mensen dénken dat die goed tegen pijn werkt, maar muziek die daadwerkelijk bij hun smaak past, maakte het verschil. Voor de zorg betekent dit dat er geen universeel ‘pijnstillend’ genre bestaat. Wie muziek wil inzetten bij bijvoorbeeld een korte behandeling, kan dus het beste aansluiten bij iemands eigen voorkeur.
Muziek wordt steeds vaker ingezet in de zorg, bijvoorbeeld om pijn, angst en stress te verminderen. Maar willen mensen eigenlijk wel naar muziek luisteren wanneer zij pijn hebben? En zo ja, welke muziek kiezen zij dan? Met gegevens van ruim 33.000 deelnemers uit twintig(!) landen onderzochten we deze vragen vanuit een internationaal en cultuursociologisch perspectief.
De grote meerderheid van de deelnemers (86,5 procent) gaf aan muziek te willen luisteren bij pijn in de zorg. Daarbij kiezen de meesten voor muziek die aansluit bij hun eigen smaak. Tegelijkertijd zien we dat klassieke muziek een bijzondere positie inneemt: mensen die voor pijnverlichting afwijken van hun favoriete genres kiezen opvallend vaak voor klassiek. Dat past bij het hardnekkige idee dat klassieke muziek, en Mozart in het bijzonder (het zogeheten ‘Mozart Effect’), extra goed zou werken in de zorg. Onze resultaten onderstrepen juist dat muziek niet voor iedereen hetzelfde betekent. Wie muziek effectief wil inzetten bij pijn, doet er daarom goed aan rekening te houden met iemands persoonlijke smaak én culturele context.
In de video hiernaast wordt het fantastisch uitgelegd door mijn collega’s Julia Peters en Antonia Becker. Maar in een notendop: we hebben een serie grote experimenten gedaan in De Doelen in Rotterdam (samen met het Rotterdams Philharmonisch Orkest en Codarts) om te kijken hoe livemuziek wordt ervaren door verschillende sociale groepen. Ook keken we of livemuziek verschilt van livestreams. Het project werd ondersteund door NWO-SIA Innovatielabs en de Popunie. Hieronder een paar van die studies met toelichting.



In deze studie vergeleken we een liveconcert met een gelijktijdige livestream in een andere zaal. De muziek, het moment en het publiek waren hetzelfde; alleen de musici waren fysiek aanwezig bij één groep. Die groep waardeerde de muziek meer, voelde zich sterker geraakt en rapporteerde positievere emoties. Ook was hun gemiddelde hartslag hoger. Livestreams worden gewaardeerd, maar de fysieke aanwezigheid van musici maakt verschil voor hoe we muziek ervaren.
Waarom raakt de ene concertbezoeker diep ontroerd door een muziekstuk, terwijl een ander weinig voelt? We onderzochten de rol van hits, toegankelijkheid en muzieksmaak. Toegankelijke en bekende muziek werd meer gewaardeerd en riep vaker gevoelens van ontroering op, vooral wanneer het genre bij iemands eigen smaak paste. Wie sterker geraakt werd, liet dat ook lichamelijk zien: een hogere hartslag en minder hartslagvariatie wijzen op verhoogde emotionele activatie. Misschien een open deur, maar nu met bewijs: muziekbeleving blijkt niet alleen in ons hoofd te zitten, maar ook in ons lichaam.
Studie #3 is in de maak, gauw meer nieuws hier!
“Als geluk in de winkel lag zou ik het kopen voor je, snap dat” Winne

In dit onderzoek analyseerden we teksten van 75 populaire Nederlandstalige rapnummers en YouTube-reacties hierop van zo’n tweehonderd rapliefhebbers. We keken niet alleen naar wat artiesten rappen over welzijn, maar ook naar hoe luisteraars die muziek zelf interpreteren en gebruiken. Daaruit blijkt dat rap vaak gaat over succes, straatcultuur, kwetsbaarheid en sterke sociale relaties. Luisteraars halen er bovendien steun, motivatie, stemmingsregulering en herinneringen uit. Nederlandse rap is daarmee voor veel mensen meer dan entertainment: een bron van zelfvertrouwen, verbinding en persoonlijk welzijn.

